Uit de pastorie

Open Deuren

Op sommige scholen prijken liefdevolle boodschappen zoals “Lieve kinderen, wij missen jullie”. Want de afgelopen weken sloten deuren zich. De deur van de school, van je werk, de deur van je sportvereniging, de deur van de tandarts, de bibliotheek, steeds meer winkels sloten hun deuren en ook de kerken waar je normaal gesproken altijd welkom bent, houden deuren gesloten voor mensen. En op de kerk zou ik ook kunnen plakken “lieve mensen, wij missen u!”

Toen de maatregel moest worden genomen om de deur te sluiten zei een kerkenraadslid  “We bidden regelmatig voor onze regering. Nu de overheid ons richtlijnen geeft, moeten we daar serieus mee omgaan”, een Geest-vervulde opmerking. De afgelopen periode schreef Burgemeester Pieter van Maaren die zelf een trouwe kerkganger is, twee keer een brief aan de kerken om ons met klem te vragen zo min mogelijk mensen samen te hebben in een kerkgebouw. Dat klinkt tegenstrijdig, maar het is een christenplicht de kerk op dit moment dicht te houden. Zoals we ook geroepen worden geen gevaarlijke capriolen uit te halen omdat we het leven respecteren dat Hij ons en anderen geeft.

De deur van de kerk moet dicht, en daardoor gaan tijdelijk andere deuren open: door de techniek van de laatste jaren kan dat! De kerk kan bij ons allemaal thuis zijn. Hiervoor danken we God!

In de Bijbel lees je regelmatig over mensen die tijdelijk geïsoleerd zijn: Paulus en Silas, Johannes op Patmos, Noach en zijn gezin in de ark. Het Paasfeest nadert en wat voelt het tegenstrijdig dat we dat waarschijnlijk niet uitbundig kunnen vieren met elkaar, dat je in je isolement zit. Opgesloten, met dichte deuren, terwijl het Paasfeest het feest is van ‘open deuren’ en ‘leven’! Ook in de Bijbel was dat dus vaak geen realiteit, maar wel een boodschap waar het hart vol van was. Ondanks het isolement: geloof in open deuren en Gods werk dat doorgaat. Ook wanneer men dat zelf niet kon ervaren.

Christus opent deuren voor ons, ook al blijven er momenteel deuren gesloten. Hij opent de deur van het leven op een bijzondere manier in onze harten, ook nu wij meer en meer in isolement verkeren. Samen bidden we om Pasen in onze huizen: Leven van Christus! Dat de boodschap van Christus, die Leven geeft, weer heel dichtbij komt.…en dat we door Zijn Geest dwars door alles heen zingen:  

Jezus leeft en ik met Hem!


Zegen en groet,  ds. Inge Eckhardt

Hier en Nu

Theo van Theijlingen schrijft over prioriteiten.

 

Straks….zal ik me druk maken over die nieuwe telefoon,

die ik nodig schijn te hebben

Eerst ga ik sparen voor die werkvakantie in de krottenwijken

en die oude, die is eigenlijk nog goed genoeg.

 

Straks….zal ik kiezen voor die extra cursus,

waardoor ik meer kan gaan verdienen.

Eerst wil ik tijd hebben voor m’n gezin,

mijn kinderen in bed stoppen, verhalen vertellen.

 

Straks….zal ik me opgeven voor die serie concerten,

eerst ga ik m’n oma en die oude tante

in het verpleegtehuis nog eens opzoeken.

 

Straks…is er genoeg tijd om me te buigen over problemen als

carrière maken, geld verdienen,

Nu wil ik eerst genieten van de stilte en van Gods natuur

 

Straks….is er nog genoeg om mij bij neer te moeten leggen,

eerst wil ik iets doen aan het milieu

en mijn eigen levensstijl.

 

Straks….kan ik nog dromen over de hemel,

Nu wil ik laten zien

dat ik geloof!

 

Doe jij echt de dingen die God je roept te doen?

 

Zegen en groet,
 

Ds. Inge Eckhardt

Noodzakelijk praatje

Met tegenzin schrijf ik dit keer over iets waar ik liever niet over schrijf.

Mijn toekomstperspectief in Zuilichem is: parttime werken. Dat gaat dingen veranderen, ook op de lange termijn. Het beroepingswerk in de toekomst wordt hierdoor anders. Dat zie ik als consulent van Andel nu van dichtbij, waar een 70 % aanstelling is gekomen. In onze kerk gaat het om 80% vanaf 2022. De grootste verandering die ik denk te zien: de predikant die past in een parttime aanstelling heeft er andere werkzaamheden bij of heeft een partner die voor het andere financiële deel zorg draagt. Dit kan geografische gebondenheid betekenen; hierdoor heeft een voorganger vaak de wens om op een plek naar keuze te wonen of te blijven wonen waar ze zijn gesetteld (bijv. Gorinchem). Ik vind dat een ingrijpende verandering. Er zijn nog meer nadelen (wat doet een predikant nog wel en wat niet meer?) maar dit punt vind ik het meest ingrijpend. Als ik dan even vanuit mijn eigen situatie denk: Peter en de kinderen zouden dan waarschijnlijk in die andere woonplaats kerken en naar school gaan en niet betrokken zijn bij ‘mijn gemeente’. Die situatie dient zich nu gelukkig niet aan voor mij. Maar ik moet er echt niet aan denken.

Hoe komt het dat een predikantsplaats parttime wordt? De Landelijke kerk kijkt naar de inkomende, levende stroom van giften (en niet naar oude spaarpotjes). Als de levende stroom afkalft maakt de landelijke kerk een prognose. Ze calculeert in of de gemeente met afnemende giften op langere termijn een predikant kan betalen. De prognose moet scherp gemaakt worden, omdat steeds meer gemeenten met een predikant blijven zitten die ze helemaal niet meer kunnen betalen en die financiële crisissen moet de landelijke kerk opvangen.

Een goed signaal voor de landelijke kerk is: een groei in giften, iedereen geeft elk jaar een beetje meer en houdt goed rekening met inflatie. Kerkbalans is hierin van grote betekenis. De toekomst van de predikantsplaats is dus in onze eigen handen (en niet in die van de kerkrentmeesters). Een nieuwe vloer, betaald uit een oud spaarpotje, heeft geen invloed op de prognose van de landelijke kerk, daarmee betalen we op lange termijn geen ‘werknemer van God’.

Peter en ik gaan het met Gods voorzienigheid redden vanaf einde 2021, we willen samen gaan werken, ik helaas een dag minder. U als gemeente zal Hij zeker ook willen voorzien van voorgangers in de toekomst, maar alleen door middel van uw eigen portemonnee. Een ander moet dat dan maar doen, kunnen we misschien denken. Die moet maar eens meer geven! Probeer bij jezelf te beginnen, dat proberen wij hier thuis ook. We betalen huur voor de pastorie zoals elk predikantsgezin doet en dragen bij aan de kerkbalans op een manier dat het echt pijn doet en proberen dat te laten stijgen elk jaar. Daarbij vinden we het fijn om kleine uitgaven die we doen voor de kerk aan de kerk te schenken. Ik vind het vreemd om dit met u te delen, maar toch voel ik de behoefte om transparant te zijn. We zijn er heel bewust mee bezig ook al houd ik er niet van om erover te praten.

Er klagen op dit moment mensen over plannen van de kerkrentmeesters voor de verlichting, en schilderwerk, etc. Ik ben het met de klagers eens dat het gebouw niet het belangrijkste is. Maar onbelangrijk is het zeker niet. Uit de zorg die in een kerkgebouw wordt gestopt (van schoonmaak tot beheer van tuin en parkeerplaats, tot het vervangen van een vloer die geen beschermende laag heeft gehad en daardoor kapot en vies is), uit al die dingen die worden aangepakt, lees je iets af. Liefde. Die liefde zien mensen die over ‘de vloer’ komen ook. Als er in de toekomst weer nieuwe predikanten komen dan zien zij dat ook: deze mensen geven om de zaak!

En als de liefde voor het gebouw er echt niet meer is bij u, bij jou, dan is het om het even dat we het gebouw verkopen en gaan kerken in het dorpshuis. Wat mijzelf betreft: ik ben gehecht geraakt aan de Duif op de hoek van de Zijlstraat en Uilkerweg in Zuilichem. Daar heb ik al vele keren Gods Heilige Geest zien werken en heb daar keer op keer Gods Bijstand ervaren, ondanks de weerstand, die er ook is. De stenen zijn met liefde bijeen gebracht, met grote liefde zou ik ze willen onderhouden. Als het aan mij ligt.

Het onderhouden van de Duif én van predikanten nu en in de toekomst is mogelijk. Het vraagt alleen liefde. Van het soort dat Christus had: het soort dat pijn mag doen.      

Zegen en groet,
Ds. Inge Eckhardt

Een vol huis

‘Een huis vol’ volgt grote gezinnen, dit jaar ook een christelijk gezin. In één aflevering zie je vader Jelies -doorgaans vol grapjes, ‘het negende en grootste kind’ van moeder Janneke- de dag beginnen. Hij begint met ontbijt en een grote Bijbel die wordt opengeslagen bij ‘Bidt, en u zal gegeven worden; zoekt, en gij zult vinden; klopt, en u zal opengedaan worden.’ Hij vindt het mooi wat hij leest, en begrijpt het zo ‘als ik zoek, dan vind ik God, dan vind ik het geloof’.

Aan het begin van het nieuwe jaar is het mooi om te bedenken of en hoe jij zoekt. Misschien zijn er dingen waar we vol van zijn, druk mee zijn. Is er nog ruimte voor gebed en de Bijbel? Het kan zijn dat het voor jou heel moeilijk is om die momenten te vinden waarop je echt alleen bent. Dat het echt even is tussen jou en de Hemelse Vader. Toch is dat van belang. Hoe goed Jezus ook was met zijn discipelen op aarde, met drie van hen had Hij een diepe band, Hij zocht toch steeds momenten alleen met de Vader.

Deze momenten kunnen kort maar krachtig zijn en toch van levensbelang worden. Waarom? Omdat wij vaak leeg zijn, ons hart kan koud worden, we kunnen vol zitten met twijfels of met zorgen, tobben en moe zijn. Vaak worden dat redenen voor ons om God te mijden. Maar juist dan zouden we naar Hem toe moeten gaan. Om ons te laten vullen met Gods Heilige Geest en met Woorden uit de Bijbel die zo anders zijn dan onze eigen gedachten. Daarom juist stuurde Hij Zijn Geest. Zodat Hij ons kan vervullen. Dit kan Hij doen als we bij Hem komen. Die Geest Die Hij geeft…dat is de interne verbinding die we hebben met God. Zoals je vandaag eigenlijk niet meer zonder internet kunt; zo kunnen we niet geloven zonder die verbinding met God.

Christus was in zijn leven op aarde drukbezet, toch neemt Hij veel tijd voor de momenten met Zijn Vader. Als tiener al. Aan jongeren (die lezen de intercom niet maar misschien kan pa of moe dit even doorgeven) aan het begin van het jaar daarom ook een oproep; leg je Bijbel klaar op een plek waar je alleen kunt zijn. (liever niet je Bijbel in app-vorm…voor je het weet zit je ondertussen weer een appje te beantwoorden..) Pak de Bijbel en eventueel een potlood  voor als je wat ziet wat je wilt onthouden; onderstreep of omcirkel dat. Dit is jouw moment bij de Hemelse Vader. Begin bij één van de Evangeliën. Lees zo langzaam verder. Op internet (ja dan toch maar je telefoon pakken) vind je veel informatie voor als je iets niet snapt. Start met het eenvoudige gebed hieronder. Zo kun je groeien, doordat Hij in je hart groeit. 5 minuten, Bijbel lezen, en kort gebed. Heb je dat voor God? Als verjaardagscadeau kun je dit jaar eens een dagboek vragen; er zijn er veel voor jongeren, ook speciaal voor jongens of voor meiden. Vind zo jouw weg voor je persoonlijke contact met God. Ik wens je een vol huis en vol hart toe in 2020. Vol met Gods Geest.

Ds. Inge Eckhardt

                                                                                  Vader in de Hemel,

                                                               Dank U wel dat ik hier even mag zitten, bij U.

                                                            Wilt U mij vullen met Uw Geest? Ik wil dat graag.

                                                            Wilt U in mij wonen Christus? Dank U wel. Amen.

Blijdschap

Terwijl er druk gegniffeld wordt om de komst van een goedheiligman, kijkt mama in de pastorie eigenlijk veel meer uit naar de komst van een andere Heilige Man. Goed was Hij, gul en barmhartig, maar ook ernstig, wil je volgen? Zijn komst gaat gepaard met het hoogste lied ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen’ (Lucas 2:10). En als Jezus aan het einde van Zijn Leven op aarde is gekomen dan blijkt dat alle woorden die Hij heeft gesproken zijn om  ‘Zijn Vreugde aan ons te geven’ opdat ‘onze Vreugde volkomen wordt’ (Joh. 15:11). Jezus’ komst op aarde is Jubeltijd.

In het Oude Testament wordt van het Jubeljaar verteld, waarin ingrijpende dingen plaatshadden onder het volk: schulden worden totaal en maatschappij-breed kwijtgescholden, je kunt overnieuw beginnen, slaven worden vrijgelaten en krijgen de kans opnieuw zelfstandig te leven, het land wordt een jaar lang met rust gelaten, het ligt braak en mag ‘bijkomen’, eigendommen komen terug bij de oorspronkelijke eigenaar dus hij/zij krijgt een nieuwe kans om er nu anders mee om te gaan. Over gunnend geloven gesproken!  Om zo genadig te kunnen zijn dat je iemand een grote schuld kwijtscheldt, is groot vertrouwen in God nodig. Het volk wordt opgeroepen vol vertrouwen te leven omdat Hij zei ‘Ik zal Mijn zegen over u gebieden’ (Lev. 25:21). Wat heb ik dan te vrezen?

Deze onbezorgde, feestelijke houding ontbreekt vrijwel volkomen in de tijd waarin wij leven. Apathie, melancholie overheersen. Harvey Cox schreef “moderne mensen zijn zozeer gedreven door pragmatisme en rationele berekening, dat zij de vreugde van de viering volledig zijn kwijtgeraakt.”

Zullen wij, u, jij en ik, weer echt vieren in de maand december, dat God met ons is? Ook als gemeente? Vreugde…maakt een mens sterk, want de vreugde van de Heer is je kracht (Nehemia 8:10).

Als gezin wensen wij u toe: vreugde en vrede, in de komende feestdagen en Gods liefdevolle Zorg in 2020.

Een warme groet uit de Pastorie,

Peter en Inge, Ivana, Joah, Elisa en Benja Eckhardt

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Huil maar ...

"Huil maar, schuil maar, huil maar, bij Mij", zingt Elise Mannah, want Hij ziet "je hartstranenzee". Ik kom vrij geregeld met mensen in gesprek die ‘even een tijdje niet in de kerk komen’….want zeggen ze, dan moet ik misschien huilen als er een bepaald lied is. En dan voel ik me zo opgelaten. 

Er speelt op die momenten dan veel, en dat kunnen allerlei dingen zijn. Als dat bij jou gebeurt, mogen we Hem horen zeggen "Kom tot Mij..." En we komen bij Hem. En we storten ons hart uit. En storten onze tranen voor zijn voeten. Is dat erg? Nee. Tranen verwoorden de diepe roerselen van ons hart. Een ander kan daar niet altijd bijkomen en soms komen we er zelf niet eens bij. In de kerk kan dat er plotseling weer uitkomen, door een lied of een woord.  God kan er wel bij, zo ervaren we dan onverwachts.


Dat kan ons overvallen die onverwachtse tranen, maar laat er bij ons geen schaamte zijn. Onder het dak van God kan het gebeuren dat je 'echter' wordt. Met onze lach, met onze tranen. En ik hoop dat onze buurman - of vrouw in de kerk, een zakdoek heeft - al is het een verfrommelde - en een troostende arm en daar doorheen laat merken: "Huil maar..."

Geef je tranen maar de vrije loop

zolang het nodig is

uit: Huil maar, van Elise Mannah

Ruw materiaal

Oude pallets (sommige een aanblik niet waardig) werden bij de VakantieBijbelWeken omgevormd tot de mooiste bouwwerken. Ruw materiaal, waar vieze, roestige joekels van spijkers uit steken, wordt langzaam omgevormd, naar de hand gezet. Een berg afgedankt hout wordt tot zegen.
 

Het nieuwe seizoen is begonnen in de kerk en het begint met tranen omdat we afscheid hebben genomen, tranen om zorgelijke situaties. Een tekst die ik wonderlijk vond toen ik tot geloof kwam is “in uw boek waren zij alle opgeschreven, de dagen, die geformeerd zouden worden”. Uit psalm 139. Dat gaat over de dagen van ons leven. Dat ze door God gekend zijn. Ik verwonderde me erover, is het inderdaad zo? Een God Die ons leven kent, van dag tot dag, al mijn dagen zijn in Zijn hand, de mooie, vreugdevolle dagen die we voor altijd willen vasthouden, de hele gewone dagen die gevuld zijn met het alledaagse leven, maar ook de dagen die we liever niet herbeleven. Opgetekend in zijn boek, voordat ze beginnen?
 

Hieraan kleeft een diep mysterie, iets raadselachtigs. Hoe zit het met de dagen van mijn leven, door God gekend voordat ze begonnen? Daarover kun je je hersens flink breken en er op vastlopen. Je kunt ook kiezen voor verwondering: mijn leven is in Uw Hand. Ik leg die dagen in Uw hand. Mijn dagen zijn door U gekend, opgetekend, in Uw Boek. Niet ‘mijn boek’, maar ‘Uw’. Daar worden wij in genoemd, daar gaat het kennelijk ook over mij. Voordat ook maar één van mijn dagen was aangebroken, kende God die dagen.
 

Een mysterie, een raadsel, een Wonder. Dank U voor Uw genade, dat U een plan hebt. Dat U ons zegent en gebruikt. Dat U ons door moeilijke tijden heen helpt. Dank U dat U zelfs uit de meest vreselijke omstandigheden weer nieuwe, mooie dingen kunt maken. Zoals U bij Jozef deed toen zijn broers hem haatten, mishandelden en verraadden. Dat u deze dingen in een zegen hebt veranderd, voor Jozef en zijn familie en zelfs voor talloze andere mensen. Het ruwe materiaal van ons leven vormt U om. Het is een mooi gebed aan het begin van dit seizoen: dat wij als zo’n oude pallet mogen zijn. Dat al het ruw materiaal van ons leven tot zegen mag worden voor onszelf, voor onze families, voor talloze andere mensen die we tegenkomen op de weg. Omdat God ermee aan het werk is. Zijn Handen zetten het in, voor Zijn bouwwerken.

Ligt de rok al klaar?

Het is bijna zover: het feestelijke welkomweekend. Iedereen is daarbij Welkom. Er is van alles te doen. Onder andere zijn er de Highlandgames. Waarbij we wel verwachten dat de mannen onder ons overeenkomstig de dresscode zullen verschijnen. Er ligt vast nog wel ergens een tafelkleed of oude rok van oma. (Een theedoek dekt de lading waarschijnlijk niet).

We hopen in dit weekend te genieten van elkaars gezelschap, de groene omgeving bij Sjaak en Bea, de dieren, sport en spel, speelgelegenheid voor kinderen, de barbecue, openluchtdienst, en nog veel meer. En in dat alles weten dat we verbonden zijn door Gods genade en trouw aan mensen.  

Dit seizoen hebben we gekozen voor het thema Gunnend Geloven, met twee betekenissen:

Geloven gun ik aan iedereen om me heen, ook aan mijn buurman of -vrouw, of mijn broer of zus die al zolang niet meer naar de kerk gaat.  

Geloven doe jij op jouw manier en dat gun ik jou. Voorbeeld: we kunnen ons hart verloren hebben aan de Psalmen of juist ons hart ophalen bij een Opwekkingslied of Taizé. Het één is niet meer of minder dan het ander. Kunnen we elkaar ruimte geven om Jezus Christus te volgen ook al verschilt de uitvoering?

Kortom: Gunnend Geloven! Hierover kunnen we alleen praten omdat we een Gunnende God hebben. Genadig, is Hij, van dat kostbare geschenk mogen we uitdelen. 

 

Genade en vrede

zij u van de Vader;

als u tot Hem nadert,

dan nadert Hij u

 

Vakantie

Met kerkenraadsleden had ik het over onze vakanties. Ja, je moet ook weleens over wat anders praten. Al pratend kom je tot de ontdekking dat er mensen zijn die niet echt vakantie hebben. Van wie wordt verwacht dat ze hun laptop meenemen op vakantie, dat ze een paar uurtjes per dag vanuit hun vakantiebestemming doorwerken of stand-by staan. Ik dacht: ‘nee!!’ Ik zie bij die mensen namelijk dat ze hard werken. En dan gun je ze wat ze nodig hebben: rust, tijd en ruimte.

Dat het niet vreemd is dat bedrijven dit van hun personeel verwachten, geeft mij het idee dat we meer en meer dingen in het centrum zijn gaan plaatsen, die in dat centrum niet thuishoren. Zoals geld, werk en bezit.

Als christen weet je: als ik deze dingen in het absolute centrum van mijn leven zet, dan keren ze zich uiteindelijk tegen me. Dan word ik afhankelijk van mijn geld, dan werk ik ten koste van mijn gezondheid en relaties. Dan raak ik verbonden met mijn bezit, terwijl ik juist geloof in vrijheid.

Soms moeten we ons daar ook zelf weer bewust van worden. Wat staat er in jouw centrum? Is het ‘dat ik God liefheb boven alles en alle mensen om me heen zoals mezelf’? Vakantie kan je tot jezelf en anderen brengen en…tot God. Stille gebeden terwijl je geniet van de prachtige natuur om je heen, een oprecht ‘Dank U Heer, dit is heerlijk’ terwijl je een hap neemt van een gerecht in een restaurantje. Kinderstemmetjes ver weg op het strand vermengd met het geluid van een hond die ergens blaft, een meeuw, de golven, iemand schaterlacht. ‘Wat kan het leven goed zijn dat U ons gaf’. Je kunt besluiten met je gedachten weer terug te gaan naar De Enige Die in je centrum hoort. Terwijl je werkt kan dat, en zeker ook wanneer je vakantie viert.

 

Gebed voor wie niet op vakantie kan

God, die mij kent en ziet,

voor mij geen vakantie,

geen tijd, geen geld,

te druk, te oud,

ziek of alleen…

U weet waarom.

Ik bid voor mijn vrienden,

familie, kinderen

die wel op vakantie gaan,

om een goede tijd en

een behouden thuiskomst,

dat wij elkaar straks weer

in de armen mogen sluiten.

Ken mij in mijn alleen-zijn

en geef dat ik gelukkig kan zijn

om wat mij zomaar toevalt.

 

Gebed in de vakantie

God, Heer van de schepping,

help mij om vakantie te nemen,

om mij even los te maken

van het werk,

van de verplichtingen,

de zorg om anderen,

de verantwoordelijkheid

van de dagelijkse beslommeringen.

Leer mij de gehaastheid af,

dat ik rust vind,

stilte,

ruimte om te bidden.

Om te zien wat er ligt

op de bodem van mijn ziel

en uw stem weer te horen.

 

 

 

Pas op anders preek ik 3 uur ... !

Het was gezellig op de Rommelmarkt, een leuke dag vol activiteit, met allerlei bevlogen gemeenteleden die keihard werkten. Veel ‘rommel’ maar ook leuke spelletjes, een bak-kraam, een lekker kopje koffie of thee met iets erbij.

Er werd ook veel gegrapt. Onder andere dat je moest oppassen met wat je tegen mij zei, anders zou ik voor straf 3 uur preken. Nu weet ik niet wie daar eerder het loodje bij zou leggen, maar inderdaad een preek van 3 uur zou wel een straf zijn.

Tja, de preek. De laatste tijd besef ik me goed dat de ruimte die je als voorganger hebt een bijzondere ruimte is. Ik mag daar gaan staan en zeggen ‘wat ik wil’. Ik bid steeds dat het niet mijn eigen woorden zijn, maar God zijn woorden aan jou, aan u kwijt kan. Dat de spreker ervan verdwijnt. Dat gaat niet helemaal, maar ik zou het mooi vinden. Dat Hij met je spreekt. Een woord meegeeft. Dat hoeft niet veel te zijn. Hij weet wel, dat wij vaak niet veel kunnen meedragen, op één dag. En dat hoeft ook niet.

Want het manna in Israël is zo’n prachtig symbool voor ons dagelijks geestelijk voedsel. Het manna dat elke dag opnieuw geraapt moest worden. Als je het probeerde te bewaren voor de volgende dag, was het niet goed meer. Zo blijkt dat je telkens opnieuw Zijn Woorden moet verzamelen voor jezelf. Door je eigen Bijbel te lezen. En voor wie nog geen Bijbel heeft waar hij/zij regelmatig uit leest; zoek een vertaling uit die goed bij jou past. Jouw persoonlijke Bijbel waar jij graag uit leest. Ook als we met anderen samenwonen en er een Bijbel voor het hele huis is, is het goed voor jou persoonlijk om toch je eigen Bijbel te hebben, waaruit jij lezen kunt. Weet men als men dat boek tegenkomt ‘dat is de Bijbel van…’, dan is dat een goed teken. Een getuigenis op zich. De eigenaar van die Bijbel vindt het belangrijk om zelf met God in contact te staan. En daarom slingert die Bijbel nog weleens rond. Zij, hij, wil Gods Woorden lezen. Het is niet alleen de krant die rondslingert of het laatste tijdschrift waar je dol op bent. Ook die Bijbel. En dan hoef jij echt geen urenlange Bijbelstudies te beleggen elke dag, maar lees je gewoon dagelijks een gedeelte. Op een vast moment. Dat kost maar weinig tijd. Om voor elke dag manna te rapen waardoor je geloof levend blijft.

Het is in die persoonlijke omgang met God dat er iets gebouwd wordt, waardoor de preken van een voorganger (laten we ze maar op 20 minuten houden ongeveer) een extra ondersteuning worden in je relatie met Hem. Die preken worden prikkelende momenten, duwtjes in de rug, troostende armen, vermanende vingers, en alles wat ze soms kunnen zijn. Maar ze ondersteunen altijd het contact dat er al is, dat er al mag zijn, en dat Hij graag met jou heeft, wie je ook bent, hoe druk jij het ook hebt. Het mooie is namelijk, dat Hij in die drukte Zijn plannen afwikkelt met jou. En het zou toch jammer zijn als je daar aan voorbij gaat. Als je niet ziet, hoe Hij Zijn weg elke dag met je gaat. De mensen die Hij (toevallig? zeggen wij dan) op je weg zet. Die 5 minuten Bijbellezen maken ons ontvankelijk voor Zijn stem. Die stille stem, die tot je spreekt. Je terugroept, of aanmoedigt. Die stem die je zo hard nodig hebt.

Heer, U hebt mij hartstochtelijk lief, leer mij Uw Woord en Stem te horen

Verdriet en Vriendschap

Rabbi Mosje Leib van Sassow (dat is pas een naam) wilde eens aan zijn leerlingen duidelijk maken wat vriendschap is. Hij vertelde hen over twee dorpsbewoners die met elkaar in gesprek waren en van wie hij leerde wat liefde en vriendschap is. De  eerste zei: ‘Vertel mij eens, vriend Iwan, houd je van mij?’ Iwan antwoordde: ‘Natuurlijk, heel veel!’ Toen vroeg de ander:  ‘Weet je dan, mijn vriend, waar ik verdriet van heb?’ Iwan zei: ‘Hoe kan ík nu weten waar jíj verdriet van hebt?’ Zijn vriend antwoordde: ‘Als je niet weet waar ik verdriet van heb, hoe kun je dan zeggen dat je mijn vriend bent en werkelijk van mij houdt?’

Rabbi Mosje legde hierna zijn leerlingen uit, ‘liefhebben, werkelijk liefhebben, betekent: weten waar je vriend verdriet van heeft.’

Die mooie levenswijsheid kunnen we ook betrekken op onze vriendschap met God. Wij worden vrienden van God wanneer we ons onvoorwaardelijk aan Zijn Liefde toevertrouwen, zoals L.M. Vreugdenhil het zei. Vriendschap, want we hebben Hem gevraagd om in ons hart te komen wonen. En als je dat nog niet hebt gedaan, dan nodig ik je uit om dat op dit moment te doen, terwijl je het leest. We hebben Hem uitgenodigd in ons hart, we geloven in Zijn beloften en in Zijn leiding. Je hebt je leven waar nodig over een andere boeg gegooid. Omdat Jezus Christus de Levende Heer is, kan Hij ons hart veranderen en ons leven vernieuwen. We zijn vrienden van God geworden toen we erkenden dat we zondaren zijn en God nodig hebben, toen we het kruis aanvaarden ook voor ons leven, toen we besloten Jezus te gaan volgen en vroegen om de Heilige Geest. Op de dag dat je ‘ja’ zegt tegen Jezus Christus wordt je een vriend van God.

 Als Rabbi Mosje gelijk heeft, dan betekent die Vriendschap met God dat daarin ook verdriet een plek heeft. We mogen ons verdriet delen met God. Maar het is ook zo, dat we in de ontmoetingen met Hem, gaan ontdekken waar Hij verdriet van heeft. Dat Hij verdriet heeft van onze zonden in alle vormen en maten, dat Hij verdriet heeft van alle duisternis waar mensen onder lijden. Als we persoonlijk met God omgaan, maakt Hij ons dat duidelijk.

Dat maakt dat je soms tot tranen toe kunt meevoelen met Hem. Maar onder de tranen is altijd de Belijdenis dat Hij Overwinnaar is van alles waarvan Hij verdriet heeft, en dat ‘heel het rijk der duisternis, weet wie Jezus Christus is…’

“Satan, hij beeft, want hij weet: Jezus leeft!

Hij’ s verslagen, het Lam troont voor eeuwig,

Jezus is Heer, Redder en Heer,

Overwinnaar zal Hij zijn, over zonde, dood en pijn

Heel het rijk der duisternis, weet wie Jezus Christus is

Hij is de hoogste Heer!”

Levendig teken van geloof en hoop

Van onze buren Cees en Weina de Jong kreeg ik deze foto, uit een kerkje in Noorwegen, waar een vissersnet hangt. Niet zomaar een vissersnet, maar een Gebedsnet. Elke bezoeker die het wil mag er een strookje stof in vastknopen dat als teken geldt voor een gebed dat mensen bidden bij het vissersnet. Een net boordevol kleurrijk gebed van mensen!

Dit jaar zal op Goede Vrijdag het Kruis van ruw hout dat Huib van Tuijl vorig jaar heeft gemaakt, weer voor in de kerk staan. De vele spijkertjes die Huib erin heeft geslagen, worden dit jaar weer gebruikt. (Zijn werk is in allerlei opzichten niet voor niets geweest!) We hangen dit jaar onze gebeden aan het kruis, in de vorm van strookjes stof die we om de spijkertjes heen knopen.

Bij het Kruis mag je alles neerleggen wat een mens belast. Ons hart is soms als een koffer waarin je zoveel kunt opstapelen wat eigenlijk helemaal niet meegenomen moet worden. En als we dan onze Heer tegenkomen vraagt Hij; Wat is dit? Ik heb je toch op weg gestuurd met een lichte last? Dan neemt Hij de hele inhoud weer op Zich, van ons af. Kunnen we weer verder gaan.

We zijn te goed in verzamelen. Geef het maar toe! Wat is er veel om bij Het Kruis achter te laten. Wees welkom op Goede Vrijdag, en in de periode daarna om (en dat mag zo vaak we willen) een strookje stof bij het kruis achter te laten, teken van jouw gebed.

Pasen straalt krachtig over het Kruis van Golgotha: een diepere vreugde kon de schepping niet krijgen. Deze Heer…die voor ons stierf, is de Machtige Zelf.

Dit Licht draagt ons gebed. Elke last die we afleggen, elk gebed dat we bidden. Hij is bij Machte het te dragen, weg te dragen, het om te keren, het in te zetten. Hij is bij Machte een Nieuw Begin te maken.

Een warme Paasgroet aan al onze broeders en zusters, grote en kleine in deze gemeente van de Here Jezus, die God ons heeft gegeven,
 

 

Peter en Inge
Ivana, Joah, Elisa en Benja
Eckhardt

Goede dingen vragen tijd

“Misschien moet jij ‘vasten’ van ‘stemgebruik’”, zei iemand treffend. Ik moest erom lachen. Omdat ik in gedachten voor me zag hoe Peter erop zou reageren als ik in de 40 dagentijd zou besluiten minder te praten. Inderdaad deze persoon had gelijk.
Minder praten zou eigenlijk ook een heel goed vasten kunnen zijn. En in gedachte dacht ik eraan hoe Peter zou antwoorden dat dit het beste idee is sinds tijden…!
Vasten kan ook voor de mensen om ons heen heel plezierig uitwerken. Zo zijn er mensen die vasten van scherm-gebruik. Wat een blijdschap kan dat aan anderen om je heen geven.

De 40 dagen gaan bijna beginnen, tijd om ons voor te bereiden op het feest van Pasen. Tijd om te werken aan onze relatie tot God en de naaste. Enkele tips om tijd en aandacht vrij te maken voor God en anderen:
*   Zet je telefoon uit tijdens persoonlijke gesprekken zodat je oprecht tijd hebt om aandachtig te luisteren
*   Maak elke avond een kwartier tijd vrij om nog eens terug te blikken op de voorbije dag en de verbinding met God te maken.
*   Respecteer de zondag als echte rustdag.
*   Sommige mensen vasten in deze tijd. Heb jij dit weleens geprobeerd? Kies een luxeproduct wat je in deze tijd niet zult eten of drinken (koffie, koek, vlees, wijn). Dit product laat je gedurende de 40 dagen staan. Waarbij je een uitzondering mag maken op zondag, want de zondagen tellen niet mee in de 40 dagentijd. De zondagen blijven altijd ‘Opstandingsdagen’, en zo wordt de zondag ook in de 40 dagen tijd gevierd. Dit maakt het vasten beter op te brengen.

Zo worden we op een bijzondere manier bepaald bij deze periode van inkeer en bezinning.

Gij die van ons gevraagd hebt
te horen naar uw geliefde Zoon,
wil ons door Zijn woorden van binnen zo bewegen
dat wij voorbij zien aan alles wat ons verblindt
en oog gaan krijgen - tot onze eigen verrassing -
voor wat ons werkelijk verrijkt.

O God, kom ons te hulp in de mist van ons bestaan.
Niet om te ontsluieren alle geheimen van hemel en aarde,
alle vragen te beantwoorden, alle raadsels op te lossen,
maar om onze ogen te openen voor de baan van licht
die uw Zoon is gegaan door het duister heen.
Om ons de moed te geven, Hem te volgen op Zijn woord.

(Wim van der Zee)

Een verschrikkelijke ervaring

“Wat was je openhartig”. Soms deel ik misschien teveel van mezelf, als dat zo is dan waarschuwt  u/jij me toch wel een keer mag ik hopen? (houd nu je mond maar weer, zoiets. Die wens wordt dan direct vervuld trouwens, als u dit leest heb ik niet veel praatjes door de keelamandelen).

Een collega waarschuwde me eens; niet teveel van jezelf delen. Wie zich kwetsbaar opstelt loopt het gevaar dat dat later tegen je kan worden gebruikt. Maar je kwetsbaar opstellen kan van die mooie gevolgen hebben dat het zonde is om het vanwege ‘angst’ dan maar niet te doen. 

In de preek van zondag 20 januari vertelde ik open over mijn eerste ervaringen met hardop bidden: deze waren niet bepaald prettig. Ik vertelde daar eerst niet graag over. Het leek me nogal abnormaal. Tot ik ontdekte dat ik niet de enige ben. De preek riep dan ook veel herkenning op.

Normale verschijnselen bij het beginnen met bidden:

  • Trillen, zweethanden, benauwdheid
  • Stotteren, over woorden struikelen
  • Moeizaam op woorden kunnen komen
  • Een black out krijgen
  • Emotioneel worden
  • Naderhand een slecht gevoel hebben (wat heb ik gezegd???!!!???)
  • De diepe overtuiging hebben dat een ander ‘mooier/beter’ bidt dan jij en dat dat jou nu eenmaal niet gegeven is en die ander wel 

Op een bepaalde manier is leren bidden te vergelijken met het leren praten van een kind. Als een kind - zoals onze jongste, Benja - een zin samenstelt, dan ben je als vader, als moeder vertederd. Deze reactie zou toch ondenkbaar zijn: “dat was nou niet bepaald ABN Benja, dat andere kind van jouw leeftijd kan het veel beter, we zullen het praten voortaan maar aan anderen overlaten, stop jij er maar weer mee”  Een ondenkbare reactie. Toch is dat min of meer wat onze innerlijke stem kan zeggen als het over onze eerste pogingen gaat, om hardop te bidden.

En ook zou het ondenkbaar zijn, dat een kind maar nooit begint aan het leren praten, want al die anderen praten allemaal al zo perfect. Laat hen het maar doen!

In de week van gebed zag ik hoe een paar mensen een stap hebben gezet. Om dwars door alle angst toch aan dat gebed mee te doen. Wat komen die woorden dan juist binnen, van diegene die aarzelt, en zoekt naar een woord om te gebruiken, van diegene die eigenlijk trilt vanbinnen als een blad, en toch….niet vlucht. Wat zijn juist die woorden aangenaam voor de Heere. Omdat vertrouwen is gegroeid. Dat Hij het niet zal afkeuren. Het vertrouwen is gegroeid in je broeders en zusters met wie je bidt; zij gaan je niet veroordelen. Nee natuurlijk niet. Die voelen zich zo’n beetje net zo blij als de oudere zus van Benja als ze uitroept: hoorde je dat, wat hij zei???!!!

Na Jezus’ Hemelvaart lezen we een belangrijk en bepalend vers: Handelingen 1: 14 Vurig en eensgezind wijdden ze (de leerlingen) zich aan het gebed, samen met de vrouwen en met Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broers. Het is door dit gebed dat de zegen uiteindelijk kon komen. De Geest van God werd uitgestort. Ik geloof dat dat ook in onze gemeente verbonden zal zijn aan het gebed. Het gebed van (gebroken) mensen die bidden voor elkaar en voor bepaalde situaties; en dan, dan komt… de Geest. En doet Zijn Werk. Op Zijn wijze. Door te helen, of de kracht te geven om dingen te dragen. Door te genezen, of te sterken. Door krachtig wegen te banen, door gebrokenheid heen.

Van Oud naar Nieuw

Ding-dong. Daar staat 2019 al op de stoep. Het belt aan. Mag het binnenkomen? Liever nog niet zeg je misschien, ik heb 2018 net binnengelaten! En daar was ik eigenlijk nog niet klaar mee.

Wat gaat de tijd snel, hoor ik mezelf weemoedig zeggen. Maar oudjaarsavond kan ook een mooie avond zijn ondanks alle dubbele gevoelens en oliebollen die zwaar op de maag liggen. Dit keer als steun voor oudjaarsavond geen meditatie maar een vragenspel om samen met anderen of met jezelf het voorbije jaar zinnig te evalueren.

Spelregels: telefoons uit zicht en bereik, televisie uit, iedereen die aanwezig is doet mee, ga er lekker voor zitten met iets te drinken en te eten

Speluitleg: Geef de lijst met vragen door in de kring, degene die aan de beurt is leest de vraag en beantwoordt hem. Of; zet de vragen op losse briefjes, iedereen trekt om beurten een briefje. Je kunt je vragen-pot dan naar eigen inzicht uitbreiden met andere leuke vragen. Over het antwoord kan naar keuze kort of uitgebreid nagepraat worden.

  • Ben je optimistisch of pessimistisch over het komende jaar? Waarom?
  • Wie was voor jou de beste politicus van ons land in het voorbije jaar? 
  • Was het afgelopen jaar voor jouzelf een goed of een slecht jaar. Waarom?
  • Wat was de beste muziekgroep/zanger of hit van het voorbije jaar?
  • Wat was voor jou de meest indringende ervaring of gebeurtenis in het voorbije jaar. Waarom?
  • Wat was het beste televisieprogramma of beste YouTubekanaal in 2018?
  • Waarnaar zie jij uit in het komende jaar?
  • Waarvoor heb je te weinig tijd gehad of gemaakt in het voorbije jaar?
  • Wie was voor jou de belangrijkste persoon van het voorbije jaar. Waarom?
  • Ga je of moet je je leven beteren in het komende jaar, waardoor?
  • Heb je plannen voor het komende jaar? Welke?
  • Op welk moment ervaarde jij het afgelopen jaar iets van God?
  • Welke beroemde persoon zou jij in 2019 graag ontmoeten?
  • Waarvoor zou je meer tijd willen maken in 2019?
  • Aan wie of wat zou jij 10.000 euro willen geven als je komend jaar iemand/iets met 10.000 euro mocht steunen?
  • Heeft het voorbije jaar jou iets (bij-)geleerd? Vraag daarna ook aan de anderen wat hun ‘levensles’ van 2018 is.
  • Wie of wat heeft je het meest doen lachen in 2018?
  • Wat baart je het meest zorgen als je denkt aan het komende nieuwe jaar?
  • Welke drie dingen zou je zeer graag willen doen in het komende jaar?
  • Welke drie wensen zou je voor de anderen hebben in het komende jaar?

Veel plezier!

Kerst-stress

God houdt van een feestje. Nou ja, lees ik dat goed, of heb ik de verkeerde bril op. Nee, u leest het goed, die dominee zegt weer wat merkwaardigs. God houdt van feesten. Een andere indruk kunnen we van Hem niet krijgen, als we het Oude Testament doorlezen en van het ene feest in het andere feest vallen, dat Hij het volk opdraagt te vieren. In de Kerk houden we van Feest. Niet het soort feest waarbij we rollend over de grond gaan. Maar feesten waarbij genoten wordt, gedeeld wordt, gegeten en gedronken én bezonnen wordt, een feest dat je viert met jong en oud samen. Het soort feest dat samenbindt.

Misschien zien we in de Kerk vooral alle 'verplichtingen' van Advent tot en met Pinksteren. Dan kun je weleens vergeten dat dit alles bedoeld is om ons goed te doen. Om ons leven te sterken en ons te bepalen bij het leven met God. Advent, verplicht gedoe? Misschien kun je dat door allerlei situaties wel zo ervaren. Er is al zoveel drukte. Dan ook nog Kerstfeest met allerlei verplichtingen?

Het is goed dat eens in gebed te brengen. Kunnen het ook weer door God gegeven momenten worden, waarop we dankbaar worden dat we dit weer kunnen doen samen? Lichtjes in het donker ontsteken, teken van hét Licht - Christus Zelf - Dat in onze levens komt. Op zaterdag 1 december de Kerstster ophangen omdat Advent begint. Bidden om een gezegende adventstijd en kerst voor kinderen, jongeren en groten. Je voorbereidingen treffen, niet omdat het moet, maar…omdat het mag. En als er zoveel stress-factoren zijn; misschien is een beetje minder perfect ook wel goed. Jouw hemelse Vader nam voor Zijn Zoon genoegen met een schamele stal. Uiteindelijk gaat het om je hart, niet om de buitenkant.  

We doen Hem een plezier als we Zijn Feesten vieren, doordacht, uitbundig, delend, van harte. Laat de stress maar varen.

Als gezin wensen wij u toe:

met hoop vervulde Kerstdagen en

Gods liefdevolle nabijheid in 2019

Peter, Inge

Ivana, Joah

Elisa, Benja

Vergeetachtigheid

God is vergeetachtig. Ik ook. Een aantal weken geleden trouwde het Bruidspaar Bok. We zaten er klaar voor, koster Bart had hun namen en het thema op de borden gezet, een feestelijk gezicht. De huwelijkskaars lag klaar, de knielbank was goed gepositioneerd, maar op de tafel schitterde een vreemde lege plek. Waar is de Huwelijksbijbel?! Ouderling Greet en ik zagen het tegelijkertijd. Fluisterend: “…in een zak bovenop de kast in de consistorie”    en daar verdween ze geruisloos, om met het belangrijkste Boek weer terug te komen.
 

Vergeetachtigheid, we kennen het allemaal op zijn tijd. In de meeste gevallen iets onschuldigs, maar er zijn situaties waarin er lichamelijk of geestelijk iets aan de hand is. Heel naar als je daarmee geconfronteerd wordt; het maakt onzeker. Je hebt het nodig dingen te kunnen onthouden, om goed te kunnen functioneren.
Het kan aan de andere kant juist ook zo zijn dat we het nodig hebben om iets te vergeten, om goed te kunnen functioneren. Dat je even wilt vergeten dat je volgende week een belangrijke afspraak hebt bij een arts, dat je wilt vergeten wat er gebeurd is, gisteren of vorige week, dat je wilt vergeten wat er toen en toen gezegd werd of wat je zelf toen zei of deed.
Dan blijkt juist vaak, dat wij dat niet kunnen: vergeten wat we willen vergeten.

 

God ‘vergeet’ de dingen die Hij wil vergeten. Hij ‘vergeet’ onze zonden en vergelijkt dit met een beeld uit Zijn Schepping (een beeld uit het mensenleven volstaat hier niet). ‘Zo ver het oosten is van het westen…’ Hij gebruikt deze verre, oneindige uiteinden om ons voor ogen te schetsen hoe Hij onze overtredingen wil vergeten.
Hij is God en Hij houdt Zich ook aan Zijn Woord. Hij vergeeft en vergeet wat niet is naar Zijn Wil, wanneer wij om vergeving vragen. En Hij onthoudt en zegent het goede in ons, en vermenigvuldigt dat door Zijn Geest. Zo functioneert Zijn Wezen als de Goede Vader, want op deze woorden volgt ‘Zoals een Vader zich ontfermt over Zijn kinderen...’

Wij kunnen er maar amper bij. Wij prijzen Hem, die het juiste vergeet en het juiste onthoudt. Psalm 103: 12 en 13:

“Liefdevolle Hemelse Vader,

als U door Uw genade vergeet,

leer mij dan in Uw weg te wandelen.

Leer mij vergeten wat U vergeet.

Leer mij onthouden wat U onthoudt.

Amen.

Mopper de mopper

‘Mama, ik hou van jou, je bent de liefste en de mooiste van de wereld.’ Er komt een dag dat ze dat niet meer zeggen (zo ongeveer het tegenovergestelde zal het dan zijn). En dan komt er láter weer een dag dat ze die woorden tot iemand anders richten en mama bestaat zo ongeveer niet meer. Dat is alleen maar goed. Voor nu geniet ik er van als zulke woorden klinken.

In het volwassen en drukke leven willen deze woorden nog weleens naar de achtergrond verdwijnen. Wordt het een zeldzaamheid als die woorden diep doordacht klinken, ‘ik hou van jou’. Moeten we dat tussen de regels door maar lezen. Je bent gewaardeerd. Ik kan niet zonder je. Dat weet je zelf toch ook wel mag ik aannemen, je kent me toch, ik hoef het niet hardop te zeggen. Ondertussen mopperen we soms wat raak op elkaar. Hoe moet die ander nu eigenlijk weten dat hij, dat zij geliefd is?

 Op dit moment verdiep ik me in het boek Openbaringen. Daar lezen we over een Mensenzoon met een diepe liefde voor kerken, voor gemeenten. En er wordt ook wel ‘gemopperd’ zouden we kunnen zeggen. Er is kritiek van Christus op de kerken. Maar…voordat Hij begint te spreken legt Hij als het ware eerst een hand op haar schouder. De Here Jezus heeft een schat op aarde, namelijk zijn gemeente, en “waar Zijn schat is, is ook Zijn hart.” Het is niet Zijn bedoeling die schat te schaden of te krenken, maar haar op te bouwen.

Boerderijkerk

Soms ontstaan er ideeën. En die worden op een dag tot werkelijkheid. In het Welkomweekend (waarom die naam? Er zijn mensen om ons heen, die ongemerkt een stil verlangen hebben, naar God. Dit weekend is bedoeld om iemand mee te vragen…!) wordt een openluchtdienst gehouden bij Sjaak en Bea van ’t Hoog in het weiland. Midden in de natuur, met creatieve muzikale begeleiding en gedachten over het thema God maakt vrij!  Is iedereen welkom? Iedereen!

 

KlompenOp een andere plek dan normaal. Waarom al die moeite? Door zo nu en dan een andere locatie te zoeken waar je elkaar ontmoet, ontstaat nieuwe verbondenheid. Zoals ik het ook zag gebeuren in de VBC-tent in Zuilichem. Een tent. Maar tijdens een Sing-In werd uit volle borst voor God gezongen (psalmen, Johan de Heer en moderne opwekking door elkaar). Jong en oud, uit verschillende kerken. De Geest van God was voelbaar aanwezig.

 

Er zijn mensen met een stil verlangen naar God. Voor wie het binnengaan van een kerkgebouw een grote stap is. Zou jij het aandurven iemand mee te vragen naar de Boerderijkerk?

Het stille verlangen…komt immers niet van één kant. Het verlangen is er nog sterker van de zijde van God. Hij verlangt naar mensen, die de weg naar Hem, of naar de kerk niet vinden. Kan dit een moment zijn om iemand welkom te heten?

                                                                                 

“Lieve Vader, U hebt zich niet voor mij geschaamd,

leer mij nu mij niet te schamen, om vrijmoedig te praten,

over wat mij vervult, geloof, hoop en liefde voor U,

wilt U mij leiden, zodat ik ervan delen kan?”

Porta Coeli, Deur des Hemels

Het kerkgebouw is niet het belangrijkste, daar schreef ik de vorige keer over. Maar als je het dan hebt (en wij hebben er één!), zorg er dan goed voor, want het kan een ‘deur van de hemel’ voor mensen zijn.

Door liefde die besteed wordt aan zo’n speciaal voor de HERE gebouwd huis, kan dit huis van God een plek worden waar mensen Hem ervaren. Dat mensen gaan ervaren…op deze plaats resoneert de Liefde van God.

Zouden we het zo kunnen zien - zoals Miskotte het zei - dat ook een kerkgebouw uitdrukking geeft aan kerstfeest, aan ‘incarnatie’? Met andere woorden: ook het kerkgebouw mag ervan getuigen ‘God met ons!’ Kan dat alleen als het een kathedraal is? Noordmans zegt dat vooral de kathedraal van geluid (de muziek) hem ‘een zekerheid geeft van thuis te komen bij God’.

Het is bijna niet te zien maar op de bijgevoegde foto is de Sint Bavokerk, Haarlem, zichtbaar, waarschijnlijk geschilderd door Jan Adriaensz (1668). Op de voorgrond lopen mensen, decadente en gewone. Ja, zelfs een hond loopt die grote kerk zomaar in. Het hele leven is hier welkom. Een vrouw loopt in het licht en kijkt naar buiten. De toekomst in. Zo is het zingen tot God steeds verbonden met wat daarbuiten is.

De komende periode komt u/jij misschien wel ergens anders in de Kerk. We wensen elkaar toe dat we ook daar de Liefde van God voelen resoneren, Licht ontvangen, bemoedigd worden. Om daarna weer terug te keren en dankbaar je plek in te nemen in de rijen in Zuilichem. Om daar Licht te ontvangen. In en uit te gaan. Thuis te zijn, bij God.

“Liefdevolle God en Vader, hoe dierbaar is mij Uw huis,
geef mij heimwee,  heimwee naar U,
laat me bij U thuiskomen en onderdak vinden
- zoals de zwaluw een nest vindt voor haar jongen -
bij U, mijn Koning, mijn God”.

Dit is geen kerk!

Geregeld hoor ik mensen zeggen dat onze kerk ‘geen kerk’ is. Ook gemeenteleden. Daarmee doelen we op het gebouw. Het voldoet niet aan het standaard plaatje van een ‘kerk’ (hoge ramen, puntige kerktoren).

Gelukkig is de Pinksterboodschap van de Heilige Geest dat ons leven en lichaam de nieuwe tempel van God worden. Mensen zijn zelf de tempels waarin God woont, het stenen gebouw is daaraan ondergeschikt. De kerk waar ik tot levend geloof kwam had onderdak gevonden in een pand dat voorheen diende als autoshowroom. Het voordeel van zo’n showroom is de ruimte. Daardoor was het mogelijk een gymzaal aan te leggen voor jongeren, waar ze konden basketballen. Ook was er een flinke keuken waar maaltijden konden worden gekookt. Het besef van een kerk als gebouw was minder aanwezig, maar het besef van een kerk als gemeenschap die leeft en dient, des te meer.

Wat maakt ‘kerk’ voor u, voor jou? Een orgel of drumstel? Middeleeuwse bouw die indruk maakt en daarnaast geweldige akoestiek levert? Glas-in-lood-ramen? Een bepaalde liedbundel? Waar ons hart ook sneller van gaat kloppen, we moeten ons bewust blijven dat de eerste christenen samenkwamen in huiskamers en bovenzalen. Onze welvaart bracht ons kathedralen, en onze geestelijke armoede neemt ze ons weer af (terwijl musea, boekwinkels en restaurantjes kerkgebouwen betrekken). Misschien helpt dat wel om terug te komen bij de levende en dienende gemeenschap die Christus in alle omstandigheden vasthoudt. Een bouwwerk van God dat altijd gestaag doorgaat. Of dat nu onder het lelijke plafond van een showroom gebeurt, onder fraai afgewerkte Gotische bogen, onder Afrikaanse, lekkende golfplaten, of…onder het dak van een Bommelerwaardse kerk ‘die geen kerk is’.

 “En laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw

van een geestelijke tempel. Vorm een heilige priesterschap

om geestelijke offers te brengen die God,

dankzij Jezus Christus,

welgevallig zijn.”

1 Pet. 2:5

Dag zuster!

Eens stond ik voor de kassa met een mandje spullen, met een wit uniform aan. Ik kwam van mijn werk in het verzorgingstehuis waar ik een bijbaantje had om de studie te betalen, en was op weg naar huis langs de winkel gereden. Een donkere stem achter me zei ineens “Dag zuster”. Het was iemand uit de kerk waar ik en Peter (toen nog verkering met elkaar) in Veenendaal betrokken waren, ‘Sola Fide’. Ik hoefde niet eens om te kijken om te weten wie het was. Ik vroeg me even af of hij me ‘zuster’ noemde vanwege mijn outfit, of vanwege onze band aangezien we tot dezelfde familie van God behoorden. Ik dacht, wat maakt het ook uit, en antwoordde “Dag broeder!”  

Het is geen gebruikelijke taal in onze tijd, elkaar te ‘zusteren’ en ‘broederen’, en toch houd ik van die titels die we elkaar geven als we in de kerk voorbede voor elkaar doen, of als iemand wordt aangedragen voor een ambt, of bekend wordt gemaakt dat iemand belijdenis gaat doen, zoals br. Arlie Kanselaar binnenkort. Hoe oubollig het ook klinkt, het is een speciale manier om de familieband te benadrukken. Toen ik eens een jong stelletje uit Syrië sprak, gevlucht naar Nederland, vertelden ze hoe in hun koptische kerk de voorganger ‘vader’ wordt genoemd. Daarop zei hij: “Dan noemen we jou maar ‘moeder’”. Ik kon er niet aan wennen, maar vond het wel prachtig om te zien hoe het familiedenken in bepaalde stromingen nog sterker naar voren komt. 

In ontelbaar veel landen noemen mensen elkaar broers en zussen in Christus, en die band belijden ze ook te hebben met christenen wereldwijd. Veruit het grootste deel van onze familie woont in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. In Afrika ca. 542 miljoen christenen, in Azië 376, in Latijns- Amerika 575 miljoen, in Europa 560 miljoen, etc.

Als we de hoop verliezen op het aantal christenen dat deel uitmaakt van de wereldwijde ‘churchfamily’, omdat we in Nederland kerken zien slinken en het misschien lijkt alsof de boodschap van het Evangelie geen ingang meer vindt, dan is het goed breder te denken. En te bidden dat we hier ook weer de openheid mogen krijgen die er elders is. En we mogen dan ook breed bidden, zoals het ‘Onze Vader’, ons breed leert te bidden. Breed bidden voor al onze broers en zussen. 

Onze Vader, in de hemel, alle volken schiep U naar Uw beeld, dank U voor de wonderlijke verscheidenheid, van rassen, volken en culturen in deze wereld. Verrijk ons leven!

Kruisberg Litouwen

Tot voor kort had ik nog nooit over de Kruisberg in Litouwen gehoord. Het is een plaats waar steeds meer mensen een kruis zijn gaan brengen. Van heinde en verre komen mensen om daar nu een kruis te planten. Er zijn grote en kleine kruizen. Het zijn er zoveel geworden dat het een ongeordende boel lijkt, op het eerste oog. Een afvalberg, volgens sommigen.

Op Goede Vrijdag, 30 maart, willen we u en jou vragen ook een kruis mee te brengen naar de kerkdienst. We mogen het zelf maken, precies zoals we het willen. Het enige voorschrift daarbij is; bevestig er een lusje aan, zodat het kruis op te hangen is! De kruizen mogen van takjes zijn gemaakt met wat wol als verbinding, van hout, van zachte materialen, gehaakt of gebreid, kaal of geschilderd, 5 cm groot of 50 cm groot.

KruisjePast dat allemaal wel bij elkaar? Wordt het geen ‘afvalberg’, hangend aan dat grote kruis dat in de kerk staat? Een chaotische boel? Het zou goed kunnen dat het allemaal niet zo bij elkaar past. En dat is precies de werkelijkheid van ons leven als gemeente. Het mooie is dat je je broers en zussen in Christus niet uitzoekt, maar dat ze je gegeven worden. Hoe verschillend zijn al die mensen die het Kruis belijden, die Christus belijden als hun Heer. Die ervan getuigen dat het Kruis een belangrijke plek inneemt in hun dagelijks leven. Hoe verschillen zij van elkaar, uiterlijk maar ook innerlijk en soms ook; in de wijze waarop zij hun geloof vorm geven. De bonte verzameling is representatief; geloven mag ‘eigen’ zijn. Zonder echter samen te vergeten, wij vinden elkaar maar op één plek echt. En dat is aan de voet van het Kruis, aan de voeten van onze Here Jezus Christus.

Het is dit Kruis dat gevonden wordt op de weg naar Pasen. Pas als je bij dit Kruis gestopt bent, kun je de Opgestane Heer ontdekken als de Levende. Hij gaf bewust Zijn Leven. Om het daarna weer terug in bezit te nemen….én ervan uit te delen. Glorie Hallelujah! Hij deelt ook aan u, aan jou, aan mij. Een Levende Heer. Die ook ons levend maakt.

Kruis maken

  1. Kies je materiaal en kleuren
  2. Bepaal de grootte
  3. Ga aan de slag!
  4. Bevestig een lus aan het kruis
  5. Maak je huisgenoten of vrienden enthousiast om ook creatief te worden

 

 

 

 

 

 

Were the whole realm of nature mine,
That were a present far too small;
Love so amazing, so divine,
Demands my soul, my life, my all

Ik zorg voor jou

Zorg goed voor jezelf, hoor ik mezelf tegen een vriendin zeggen, die een burn-out heeft gehad. Zorg goed voor jezelf, tegen een andere vriendin, die na een zwaar huwelijk in een echtscheiding kwam. Zorg goed voor jezelf, zeggen we in deze dagen, waarin velen grieperig en verkouden waren. Na de afwezigheid van de zon, schreeuwt ons lijf om zon en vitamines. Zorg goed voor jezelf! In werkelijkheid schiet dat ‘goede zorgen’ er weleens bij in…

Het thema van het Paasproject van de kinderen is ‘Ik zorg voor jou’. In alles wat we zouden ‘moeten’ (zoals; goed voor onszelf zorgen), spreekt er in de lijdenstijd een prachtige boodschap tot ons hart. Vanaf het kruis van onze Verlosser spreekt zorg en liefde. Vooral ook…uit Gethsemané. Daar werd misschien wel de diepste strijd geleverd; het besluit om de beker met alle diepe ellende tot de laatste druppel toe leeg te drinken. Een wilsbesluit genomen onder diepe angst en hoge stress. Genomen, voor ons, voor u, voor jou.

Door die beslissing vond ons hart – verzoend met God – rust, aan de voet van een machtig kruis. Daar werd liefde betoond, die nooit door iets verslagen kan worden. Nu rust ons hart, aan het hart van God. Niets wat daar tussen kan komen… als het aan God ligt.

Zorg goed voor jezelf…We kijken dankbaar op naar het kruis: Iemand die het omkeert: Ik zorg voor jou. Dank Heere, voor dit ongekende; dat er Iemand is Die onvoorwaardelijk van mij houdt. Dank voor Uw verlossend sterven. Voor mij.

Blueband op je hoofd

Er gaat nog weleens wat kapot in deze pastorie. Nee, niet aan het huis zelf (voor de goede orde, anders komen de kerkrentmeesters straks met een smoesje een kijkje nemen). Het is met name iets wat in de vensterbank staat en een stuiterbal krijgt te verduren. Of speelgoed dat niet bestand was tegen molestatie. Er raakt ook nog weleens wat anders beschadigd, zoals een voorhoofd of een vinger. Zeker nu de jongste ineens is gaan lopen. De dag erna prijkte er een gigantische bult op het voorhoofd, en ging er een tand flink door de onderlip. “Boter op die bult smeren”, zei een moeder adviserend op het schoolplein. Daar zat het kind met BlueBand op z’n koppie. Daar wilde hij alsmaar in wrijven, dus aan het eind van het liedje was hij blauw, bulterig en vettig. 

 Zo proberen we dagelijks allerlei kleine vormen van schade te herstellen. Er is een mooie benaming voor het herstellen van schade, in de visserswereld. Vissersnetten -  dagelijks intensief gebruikt -  slepen over de grond en blijven makkelijk haken achter een rots of een ander scherp voorwerp. Gebruikmakend van knopen en verbindingen, worden de netten hersteld. Deze ambachtelijke reparatie van de netten is men gaan noemen ‘netten boeten’. 

 Ook ons hart wordt dagelijks intensief gebruikt en kan aan allerlei dingen blijven haken. Is er een schaduwkant, een onderstroom, in uw, in jouw bestaan? (eigenlijk is dat geen vraag, die hebben we allemaal, is bewezen) Ons leven kan door allerlei onderstromen worden beheerst. Hoe kunnen wij eraan bijdragen dat ons hart ‘hersteld’ wordt in Christus? De 40 dagen voor Pasen zijn ervoor om ‘boete’ te doen. Dat is dus niet alleen gericht op schuld belijden, maar ook op herstellen. Dat je genezing ontvangt door Zijn nabijheid in jouw gebrokenheid. Zodat er dagelijks genade van Zijn Kruis naar jouw hart en leven stroomt. Zodat je kracht ontvangt, om vernieuwd verder te gaan. Hersteld. Opdat je niet blijft haken…bij waar jouw hart op scheurt. 

Christus, ik breng U mijn schade want U weet dat ik gebroken ben. 
Herstel mij, met Uw genade, en Uw liefde. U kunt mij vergeving en genezing brengen.
Opdat ik tot zegen kan zijn.

Luchtig over de drempel

Oudjaarsavond, misschien samen rondom de televisie? Omdat we niet goed weten wat anders te doen en je wilt daarbij niet missen wat er in ‘de wereld’ gebeurt. Het is niet makkelijk om tot diepgang te komen op de laatste avond van het jaar, een jaar waarin toch van alles is gebeurd en gepasseerd ook in ons persoonlijk leven. Ondanks alles wat er langs kwam, vluchten we misschien toch dat scherm in of het scherm van een mobiel. Misschien een oudejaarsconference aan. Uit traditie. Ze zijn er al zestig jaar die conferences, een Nederlandse en inmiddels ook Belgische traditie. De hang naar luchtigheid op deze avond is zo groot dat we ook luchtige troep aanvaarden om de gedachten te verzetten. 

Luchtig over de drempel. Cliché, zullen sommigen zeggen, als ik zeg dat ik graag luchtig over de drempel het nieuwe jaar in ga, en dat ik weet dat dat kan omdat we ‘gedragen’ worden. Een cliché die voor mij van ongekende waarde is geworden. Ik kan en wil in geen geval alleen de drempel over, het nieuwe jaar in en ik weet ook dat het niet hoeft. Gods Woord staat vol van Zijn beloften van aanwezigheid in mensenlevens. Door Zijn Almachtige aanwezigheid, drukt er minder op ons. Wij mogen lichter worden, het geeft lucht. Niet voor even, zoals een beeldscherm even de gedachten weg kan duwen. De Lucht die Hij geeft, is steeds iets wat Hij ons kan en wil geven.

Nodig Hem uit om je voor te gaan, 2018 in. Terwijl je dit leest bijvoorbeeld. Vraag Hem om met Zijn Geest je hart weer te doorwaaien, als een koele bries op een winterdag. Zodat je lucht krijgt, in het nieuwe jaar.